Aart van der Linden is al vijftig jaar bijenhouder. Wat begon als hobby, groeide uit tot zijn werk na zijn pensioen. Onder de naam imkerij Mellinde houdt hij tientallen bijenvolken en een uniek bijenmuseum achter zijn woning in Maartensdijk.
“Ik ben professioneel imker sinds ik 65 jaar werd”, vertelt Aart. “Maar ik houd al vijftig jaar bijen als hobby. Vroeger werkte ik als tekenaar voor architecten en aannemers. Ook had ik een tijdje eigen tekenbureau. Na mijn 65e besloot ik mijn hobby uit te breiden en schreef ik me in bij de Kamer van Koophandel als imker. Ik heb nu ongeveer 25 bijenvolken, verspreid over meerdere plekken. Mijn bijenkasten staan in Maartensdijk, Lage Vuursche, Groenekan, Tienhoven, en Utrecht. Het is belangrijk dat de volken niet te dicht bij elkaar staan. Zo voorkom je dat ze elkaar besmetten als er een ziekte is."
In het najaar zijn bijen kwetsbaar
Bedreigingen voor bijenvolken
Ziektes, nieuwe vijanden, landbouwgif en klimaatverandering zijn gevaarlijk voor bijen. Aart merkt dat hij jaarlijks meer bijen verliest dan vroeger. “In het najaar zijn bijen kwetsbaar”, zegt hij. “Er is dan minder gevarieerd voedsel en ze worden sneller ziek. Een belangrijke vijand is de varroamijt. Die leeft op de bij en verspreidt virussen. Ook de Aziatische hoornaar richt veel schade aan onder een bijenvolk. Landbouwgif is vooral gevaarlijk als het in de plant en het stuifmeel zit. Bijen kunnen goed ruiken. Als er gif op bloemen zit, blijven ze meestal weg.”
Dan gaat de telefoon. Een inwoner uit Bilthoven heeft een zwerm bijen in de tuin en weet niet wat ze moet doen. Aart wordt gevraagd om te helpen. “Komt het eind van de middag uit?” vraagt hij. De inwoner is opgelucht.
“Het goede nieuws is dat ik er zo soms ook bijen bij krijg”, lacht Aart. “In de zomer komen er vaak wel een paar volken bij. Mensen vragen mij om zwermen weg te halen. Ze vinden mij via mijn website of via de gemeente De Bilt. Ook splits ik weleens een volk.”
De verschillende smaken van honing
De bijen van Aart leven op verschillende plekken en daarom oogst hij verschillende soorten honing. “In Tienhoven staan veel wilgen”, zegt Aart. “Als het voorjaar goed is, haal ik daar wilgenhoning.”In de zomer gaan de bijen naar fruitbomen. Dan maakt Aart honing van bloesems. Aart verhuurt zijn bijen ook aan fruittelers. Bijen helpen bij het bestuiven. Daardoor groeien vruchten, zoals appels, beter en mooier. De was van de bijen wordt opnieuw gebruikt. Bij een dagbesteding maken mensen er nieuwe honingraten van. Die gaan terug in de bijenkasten. Zo kunnen de bijen meteen aan het werk.
Museum
Aart’s passie voor bijen gaat nog veel verder dan alleen de imkerij. Een bezoek aan het bijenmuseum in zijn achtertuin, waar het heerlijk naar honing ruikt, is een bijzonder leerzame ervaring. In een middag kom je alles te weten over bijen en de imkerij.
“Ik wil mensen laten zien hoe belangrijk bijen zijn voor de natuur”, zegt Aart. “Kinderen en volwassenen leren hier over biodiversiteit en over hoe honing wordt gemaakt. Al vanaf dat ik bijen houd, verzamel ik ook spullen die te maken hebben met bijen, honing of imkers. Op een rommelmarkt of in een kringloopwinkel ben ik altijd op zoek naar alles wat met bijen te maken heeft, zoals honingpotten, oude bijenkorven, etiketten, schoolplaten, imkergereedschap, bijenkastenfrontjes en nog veel meer. Het resultaat van al dat verzamelen is te zien in het museum. ”
Op een rommelmarkt of in een kringloopwinkel ben ik altijd op zoek naar alles wat met bijen te maken heeft
Bezoekers
Er komen regelmatig bezoekers in het museum. Bijvoorbeeld mensen die een fietstocht maken, schoolklassen en tuinclubs. Museumbezoekers leren ook veel over de geschiedenis van het bijen houden. Vroeger hielden mensen bijenvolken niet in kasten maar in korven, gevlochten van natuurlijke materialen zoals stro, gras en wilgentakken. Als er genoeg honing in de korf zat werden de brokken honingraat uit de korf gesneden en in een pers gelegd. Twee honingpersen, waaronder een boompers, van honderden jaren oud staan ook in het museum.
“Laatst kwam er een groep jonge kinderen van een kinderdagverblijf”, vertelt Aart. “Ik heb ook een bijenkast met een glazen wand. Zo kunnen ze zien hoe bijen werken. Voor kinderen zorg ik dat het leuk en herkenbaar is, een boekje over Winnie the Pooh bijvoorbeeld.” Voor oudere kinderen is er een informatiehoek voor spreekbeurten met folders over bijen en imker worden. En wat natuurlijk ook niet mag ontbreken in een bijenmuseum zijn de potten gevuld met honing van de bijen van imkerij Mellinde.
Kijk voor contactgegevens en meer informatie over imkerij Mellinde en het museum op de website mellinde.nl(Verwijst naar een externe website).
Kent u of bent u iemand die zich inzet voor de Biltse samenleving en wilt u hierover vertellen? Mail dan een korte omschrijving van uw activiteiten naar gemeentenieuws@debilt.nl(Verwijst naar een e-mailadres). Wie weet bent u de volgende 'Inwoner in beeld'.